Centraal toegangspunt voor data brengt slimme mobiliteit stap dichterbij
Centraal toegangspunt voor data brengt slimme mobiliteit stap dichterbij
Een weekend in Parijs. Welke bus neem ik tot aan station Brussel-Zuid? Wanneer vertrekt mijn trein? En hoe verplaats ik mij van het Parijse Gare du Nord naar mijn hotel aan de Champs-Élysées? Multimodale reisinformatiediensten maken het reizigers comfortabeler om doorheen de EU te reizen. Het Belgisch Nationaal Toegangspunt voor Intelligente Transportsystemen, kortweg NAP ITS, maakt het voor bedrijven makkelijker om zulke diensten te ontwikkelen.
Aan het woordNaamDavid SchoenmakersFunctietitelDiensthoofd Strategie en Transversaal BeleidExpertiseIntelligente vervoerssystemen en slimme mobiliteitUitdagingDe toegang tot mobiliteitsdatasets en -diensten centraliserenDuurzame mobiliteit bevorderen
Europa verplicht elke EU-lidstaat om een National Access Point (NAP) op te richten, een dataplatform dat toegang geeft tot datasets geschikt voor de ontwikkeling van reisinformatiediensten. Zo kunnen vervoersaanbieders en technologiebedrijven ermee aan de slag. Op één plek vinden deze bedrijven de (meta)data en hun eigenaars terug.
Het idee daarachter? Op termijn zorgen dat reizigers snel de juiste informatie vinden over alle mogelijke Europese vervoersmiddelen. Bij voorkeur op één website en één app. Het NAP is daarom een belangrijke bouwsteen om de modal shift te realiseren en reizigers te doen kiezen voor duurzamere vervoersmiddelen dan de wagen.
Eenvoudig in gebruik
De FOD Mobiliteit en Vervoer werkte met de drie gewestelijke vervoersadministraties samen om het dataplatform mogelijk te maken en te financieren. De partners kozen unaniem voor een eenvoudig model: een dataplatform met een register dat in hoofdzaak enkel metadata bevat, of data over de data. De oorspronkelijke datasets vragen de gebruikers dan bij de eigenaars op.
Zoektocht naar een betrouwbare partner
Volgende stap: wie gaat het dataplatform bouwen en beheren? De FOD Mobiliteit vond uiteindelijk een betrouwbare partner in het Nationaal Geografisch Instituut (NGI) dat geografische data over België verzamelt, beheert en verspreidt.
De collega’s van het NGI nemen dit project echt ter harte en specialiseren zich in het ruimere vervoersdomein. Met het NGI hebben we een betrouwbare partner en dat is een heel positieve uitkomst van het project.
David SchoenmakersWaar staat het dataplatform vandaag?
Iedereen die vandaag in België een vervoersdienst aanbiedt, zowel in het geregeld vervoer als het vervoer op aanvraag, is verplicht zich te registreren op transportdata.be. Daar horen ook weg- en infrastructuurbeheerders bij. Toch hebben nog niet alle data-eigenaren dat gedaan. De FOD koos bewust voor een zachte lancering omdat het platform nog in volle opbouw is en bedrijven omwille van de COVID-periode andere kopzorgen hadden. Infocampagnes en jaarlijkse workshops moedigen bedrijven aan om hun data te registeren en het aantal datasets naar de toekomst toe gevoelig te verhogen.
Door je data te registeren op het NAP word je gemakkelijker opgepikt door ontwikkelaars en krijgen meer reizigers toegang tot jouw vervoersdienst.
David SchoenmakersEn wat zijn de plannen voor de toekomst?
De datacategorieën en datasets zullen uitbreiden en dus komen er ook meer toepassingsmogelijkheden voor gebruikers. Europa voorziet de volgende deadline voor de uitbreiding van het NAP in december 2023. Er komt een uitgebreider geografisch toepassingsgebied. In de praktijk betekent dat dat iedere straat en ieder vervoersmiddel in ons land in het dataplatform zal staan. Nu is dat nog beperkt tot de grote verkeersassen.
Dynamische data verhoogt reizigerscomfort
De Europese Commissie herziet momenteel de huidige regelgeving. Nu al staat vast dat dynamische data verplicht worden. Een positief punt, want dat gaat over realtime data zoals storingen, vertragingen, en annuleringen. Heel belangrijk voor MaaS-ontwikkelaars van multimodale toepassingen.
Dynamische data brengen ons dus dichter bij Mobility as a Service (MaaS). MaaS omvat het plannen, boeken en betalen van al het mogelijke vervoer via apps. De reiziger staat dan helemaal centraal en krijgt een geïntegreerd reistraject aangeboden. Met het NAP hebben we definitief de weg ingeslagen naar slimme mobiliteit.
- Maas - NAPBrussel2022UitdagingDe toegang tot mobiliteitsdatasets en -diensten centraliserenKernteamde FOD Mobiliteit en vervoer, de 3 gewestelijke vervoersadministraties en het Nationaal Geografische InstituutKernopdrachtOndersteunen van de invoering van nieuwe technologieën in het vervoerBudget€ 232 352,50 (van de 4 partners samen)ResultaatDe 4 vervoersadministraties zijn verenigd in een stuurgroep en sloten daarvoor een specifieke samenwerkingsovereenkomst af. Elke administratie voorziet ook in de financiering van het project.